Smoel van de week #15
18 juli, 2008 by ZaloezieSerj Tankian (System of a down, Serart)
![]()
Serj Tankian (System of a down, Serart)
![]()
Het verslag komt eraan. Momenteel is mijn grootste zorg het langzame herstel van mijn spijsverteringsstelsel. Hier alvast een sfeerbeeld: de eindeloze wachtrij bij de drankbonnen.
Amy Winehouse, de Tom Boonen van de muziekwereld.

Tom Boonen, de Amy Winehouse van de wielerwereld.


Mike Myers aka Austin Powers & Wayne ‘Wayne’s World’ Campbell.

Nicolas Cage


Een half jaar geleden volgde ik mijn posse in het ontdekken van de World of Warcraft. Het was het meest fantastische spel dat ik ooit speelde. Ik merkte op dat het al snel élk vrij momentje vulde. Met het oog op een goed rapport heb ik de World na een paar maanden vaarwel gezegd.
En nu mis ik mijn Hunter. Een twink, voor diegenen die weten wat dat wil zeggen. Terwijl mijn posse lustig verderspeelt focus ik me op andere zaken. Toch neem ik af en toe nog een kijkje.

Zonder moeders is het menselijke ras gedoemd uit te sterven. Een mannenloze wereld is perfect mogelijk. Duitse wetenschappers wachten op een ethische toelating voor hun synthetische spermacellen, gevormd uit vrouwelijk beenmerg. Gelukkig vinden de meeste vrouwen mannen best oké.
Laurence Tureaud, beter bekend als B.A. Barracus van the A-team.

Metallica’s James Hetfield

Chris Pontius aka Party Boy

Toen de aap plots rechtop ging staan en een hutje begon te bouwen ging het verkeerd met de wereld. Ik kijk om me heen en ruik onraad. We rijden in grote dozen, gemaakt uit ontgonnen ertsen, rijdend op autobanden die uit aardolie vervaardigd zijn. We hebben tijdens het onderzoek naar atomaire deeltjes een kracht ontdekt, een kernergie, die de hele wereld kan vernietigen. Ik vul een ballon met drinkbaar water en huppel grinnikend de tuin in, terwijl het merendeel van de wereld omkomt van honger en droogte.
Ik heb zo stilaan het gevoel dat er iets niet klopt. Dat de wereld niet draait zoals ze bedoeld was te draaien. Dat impliceert dat ik ervan uit ga dat de wereld een (ander) doel had. Ik geloof niet in een opperwezen of god, maar wel in de natuur als hoogste kracht. Waar de fauna en flora een harmonisch geheel vormden, lijkt de mens een volledig afwijkende lijn te vertonen. Hedendaagse problemen als oorlog, overbevolking en het broeikasteffect lijken hier de gevolgen van te zijn. We leven te lang en consumeren te veel. De voedselketen is volledig naar de kloten.
Ik hoop dat de natuur dit te boven komt. Een wereldwijde tsunami of een ijstijd ware ideaal. Iedereen houdt van een schone lei.
Ik ben zo iemand die vrouwen laat voorgaan. Bij het binnenstappen van een gebouw, bijvoorbeeld. Ik weet niet hoe het komt, maar het voelt onnatuurlijk aan als ik het niet doe. Ik ben nochtans niet zo streng opgevoed, hoor. Geen idee waar die gewoonte vandaan komt.
Ik weet mijn momenten te kiezen. In sommige gevallen is het beter om zelf als eerste door te lopen, om jezelf en de vrouw een eventueel ongemakkelijke situatie te besparen. Maar ik faal soms. Vrouwen die net te traag komen aangewandeld, waardoor ik plots hun professionele portier lijk. Vrouwen die me bedanken alsof ik hun leven heb gered. Feministen die me hun brandende bh’s om de oren smijten.
Op trein, tram en bus doe ik het niet meer. Nee, ik stop ermee. Meer dan eens resulteerde hoffelijkheid op het openbaar vervoer in een zitplaats op de grond. In de urban jungle is het ieder voor zich. Tenzij het natuurlijk zo’n stokoud voorovergebogen vrouwtje is met één arm en lichte melaatsheid. Die mag wel gaan zitten, natuurlijk.
Onlangs werd ik geslagen door een vrouw van rond de veertig. Ze kwam aangewandeld of aangewaggeld; aangeschómmeld eigenlijk, zwaar beladen met supermarktzakjes. Ik opende de deur naar de ondergrondse parking en wachtte haar op. Ze liet haar zakken vallen en sloeg me. Zo’n oorveeg, zoals in de stripverhalen. Bleek dat ze veronderstelde dat ik dacht dat ze oud was, of zoiets.
Als ik de deur voor je vasthou, besef dan dat ik dit doe uit eigenbelang. Ik ben maar een pion in het stuurloze spel van de mensheid. Een aangeklede aap die zich noodgedwongen aan onnatuurlijke regels houdt. Die de moeite doet om scheten in te houden, bijvoorbeeld, omdat het zo hoort. Terwijl scheten net vollédig uit stoffen bestaan die hij kwijtmoet. Maar ik dwaal af.
Kevin Spacey

Jean Pierre van Rossem

De media focussen zich meer en meer op het internet. Nieuwsberichten, al dan niet aangevuld met foto- en beeldmateriaal, kunnen op het web herbekeken worden. Kranten geven lezers de kans om op hun website te reageren op het nieuws én elkaar - de meest gebruiksvriendelijke vorm van de ondertussen zeldzame lezersbrieven.
Out with the old, in with the new
Betekent de snelle evolutie van het medialandschap het einde van de traditionele media? Veel mensen in het vak denken dat het zo’n vaart niet zal lopen. Sociologen voorspellen een heuse revolte tegen de hypermoderne technologieën, als reactie op decennia van verwondering en appreciatie. Ook vandaag blijft de gedrukte pers in België erg populair. Het concept van de ochtendkrant of het roddelblaadje in al haar handigheid blijft overeind. Uit onderzoek blijkt dat internetteksten langer dan twee schermen door de lezer liever in geprinte vorm worden gelezen dan op het beeldscherm zelf.
Hoewel webjournalisten hun uiterste best doen om vlotte, leesbare en consequent opgemaakte teksten te schrijven, blijft lezen op een beeldscherm of handheld de tweede keuze. Het lijkt er niet op dat de evolutie van hardware daar verbetering in zal brengen.
Toch zijn kranten gedwongen de digitale media in te duiken, willen ze niet achter hun concurrenten aanhollen. Bovendien is het internet de grootste nieuwsbron van de consument. Moeten alle journalisten dan webjournalisten worden? In zekere zin wel. Ze moeten er zich in de eerste plaats van bewust zijn via welk kanaal hun boodschap de gebruiker zal bereiken. Tegenwoordig gaat vrijwel elk krantenartikel na publicatie het webarchief in. De gebruiker kan tegen betaling of gratis dit archief inkijken. Nu blijkt dat mensen hier werkelijk interesse in tonen, hebben redacties hun werkwijze moeten aanpassen.
Het bos door de bomen
Jan van Groesen en Kees Haak zeggen het volgende: “Grote zorg om het verdwijnen van veel kranten en de snelle opkomst van ongereguleerde media, is op zijn plaats. Naast de audiovisuele media hebben de gedrukte media toch altijd in belangrijke mate de rol van kritische volger van de macht gespeeld, vooral door hun expertise, hun deskundigheid, hun diepgang en hun duiding. Aanpassen aan de digitale ontwikkelingen mag er niet toe leiden dat principes van journalistieke ethiek aan erosie worden blootgesteld, integendeel. Naarmate er meer digitale en multimedia-vormen komen, wordt de noodzaak van het herijken en aanscherpen van journalistieke normen inzake ethische behoorlijkheid steeds urgenter.”
Enkel de nieuwsmedia die zich kunnen profileren als betrouwbaar, strikt objectief en onafhankelijk zullen overleven. Want de nieuwsconsument, die overladen wordt door bronnen, zal op zoek gaan naar het koren in het kaf. Daar moet een nieuwsmedium zich bewust van zijn en zich dan ook zo profileren.
Power to the people
Zal de burgerjournalistiek de rol van de traditionele reporter veranderen? Tuurlijk wel. Maar meer dan ooit zal de rol van de professionele pers het selecteren en controleren van berichten zijn. Het is eerder een verrijking; uit onverwachte hoeken komt cruciale informatie de redactie binnenlopen, zoals foto’s van mensen ter plaatse, die hun gsm op tijd konden grijpen. De amateurbeelden van 11 september lijken het era van de burgerjournalistiek ingeleid te hebben. De rol van de journalist wordt het doublechecken en filteren van een enorme nieuwsstroom.
Online encyclopedieën bewijzen dat de gebruiker niet de neiging heeft valse informatie op het net te posten en dat onbewuste onjuistheden snel verbeterd worden. Wikipedia heeft bijna net zo weinig fouten als de Encyclopædia Britannica. Toch is het leeuwendeel van de informatie op webblogs subjectief. Veel bloggers geven hun mening over een bepaald nieuwsfeit. Waar het achtergrondstukje in kranten en sommige columns een monopoliepositie hadden als het om meningvorming ging, kan iedereen tegenwoordig zijn ei kwijt op het net. Als we in het achterhoofd houden dat meningen vooral gevormd worden door invloeden van buitenaf en minder door zelf redeneren, is deze evolutie positief te noemen. Overal leest men bedenkingen en reacties van medemensen.
“Online leren denken”
Wat kan de webjournalist hier uithalen? Kurt Minnen van MSN Reporter vindt de kennis van de webmogelijkheden veel belangrijker dan de technische kennis. Hij staat steeds versteld dat huidige studenten journalistiek nog altijd de ultieme droom hebben om voor een dagblad te werken. “Van de 100 studenten journalistiek willen er 95 voor een krant werken. Bijna niemand droomt van een online job, terwijl net daar in de toekomst de mogelijkheden liggen”, zo beweerde hij. Als toekomstige online journalist moet je voor Minnen aan een aantal vereisten voldoen. De voornaamste is dat je in staat moet zijn om online te denken. Maar een jonge reporter moet ook kunnen inschatten wat de nieuwe trends zijn en rekening houden met het belang en de impact van nieuwe media. Bij het maken van een nieuwsbericht moet de online journalist inzien dat interactiviteit met de burger of de lezer van groot belang is. “Aanvoelen dat de burger niet minderwaardig is in het journalistieke productieproces is een minimumvereiste om het als online journalist te maken”, aldus Minnen.
Deze bedenking kwam er naar aanleiding van een aflevering van ‘De toekomst‘ van VPRO.
Jeff Daniels

Vergeet de eieren, klokken en konijnen. Hij is verrezen!

Geert wilders. Eveneens mutten van het jaar.

De beste Nederlandstalige blogs, gesorteerd volgens leesplezier.
1. Zaloezie’s blog :-)
2. Ishku
3. Tales from the crib
4. Qahwa
5. Elle
6. Kerygma
7. Mafiablog
8. Mijn meisjes
9. Om ter saaist
10. Talk of the town
We zijn in ‘t zak gezet. Plots veranderde op de
site van Antwerp Dance Festival de naam
‘Cypress Hill’ in ‘Cypress Hill (DJ)’.
Het gaat dus om de DJ van the Hill, in plaats
van de hele bende.
Ik ben blij dat ik mijn ticket nog niet heb,
that’s for sure.
William Dafoe

Jim Carrey

Ik stond op de Gentse tram, licht door mijn benen buigend in het kader van de stabiliteit. Een neger lachtte me vriendelijk toe toen hij zag dat mijn pakje Belgam 19 voor de tweede keer op de grond was gevallen. Dit was mijn kans.
“Goeiemorgen,” zei ik, “mijn naam is Zaloezie”. Hij stelde zich voor als Robert. Ik viel meteen met de deur in huis. “Ik ken vrijwel geen enkele neger, dus u bent de enige aan wie ik dit kan vragen. Als ik over een neger praat, zeg ik altijd ‘neger’. Ik heb het immers niet voor ‘zwarte’ en nog minder voor ‘kleurling’. Ik vroeg me dus af welke term u prefereert.
“Dat hangt er van af,” grijnsde hij. “Als mijn broer en ik over u praten, hoe wordt u dan het liefst genoemd? Blanke, witte of bleke?”
Ik begreep wat hij bedoelde.
Van tijd tot tijd kom je op youtube nog eens écht talent tegen. Ik hou wel van System of a Down, maar niet bepaald van dit nummer. Het wordt echter schitterend akoestisch gecoverd door deze jongeman.
Van de Greatthings blog:
Het heeft een tijdje geduurd, maar voortaan kunnen we onze geliefde tv-series terug streaming bekijken op het net. Op 23 oktober werd de beheerder van tv-links.co.uk opgepakt in Engeland. We veronderstellen dat de storm ondertussen geluwd is. Na het kijken van een filmpje kopen we immers meteen de dvd-box. Niet?
Klik hier om Tv-links te bezoeken.
De Belgische fans krijgen naar eigen zeggen
te weinig kansen om Cypress Hill live aan het
werk te zien. Op 2 mei kunnen ze alvast voor
19 euro in Antwerpen terecht voor het
Antwerp Dance Festival. Op de officiële site kan
je de bevestigde namen bekijken.
Green Velvet, Trentemöller, David Vendetta,
Boy George, Marco Bailey, Goldie, Felix Da Housecat, Discobar Galaxie, Criss Source, Squadra Bossa ft Buscemi & Millenium Krew doen alvast een belletje rinkelen.
Update 05-03-2008: Tickets zijn verkrijgbaar in de Fnac en de Free Record Shop!
Update 19-03-2008: Geen Cypress Hill, klik hier.
‘Four rooms’ brengt je 4 verhalen die zich afspelen in een hotel op oudejaarsnacht. In 4 kamers van het hotel komt de hoofdrolspeler (Tim Roth) in de vreemdste situaties terecht. Hij staat er die nacht helemaal alleen voor en een hotel runnen in de nieuwjaarsdrukte is geen pretje. Vier regisseurs namen elk een kamer voor hun rekening. Het gaat respectievelijk om Allison Anders, Alexandre Rockwell, Robert Rodriguez en Quentin Tarantino.

‘Four rooms’ is een aangename film die geen seconde verveelt, omdat de kijker door constante verbazing geboeid blijft. Een leuke cast met onder andere Bruce Willis, Madonna en Antonio Banderas maakt deze samenwerking van prominente regisseurs helemaal af.
Klik hier voor een fragment (spoiler!).
‘Bard’s song’ van Blind Guardian, heerlijk gecoverd door deze kerel op Youtube. Het origineel vind je hier.
Het comedy-duo uit Nieuw-Zeeland met ‘Jenny’.
Het comedy-duo uit Nieuw-Zeeland met ‘The humans are dead’.
Tim Curry

Zaloezie’s blog is nog maar eens terug. Om de een
of andere reden hield ik het bloggen in het verleden
nooit langer dan een dikke maand vol. Nu probeer
ik daar verandering in te brengen. :-)
Bovendien ben ik naar een gratis blogprovider
overgestapt. Dit beperkt mijn mogelijkheden op
grafisch vlak, maar het bespaart me een hoop
hosting-miserie. Een grote hoop, geloof me.
Tot gauw!
Al was het voor mijn jeugdsentiment, mijn favoriete Disney tekenfilms.
1. Aladdin
2. De lion king
3. Merlijn de tovenaar
4. Lady en de vagebond
5. Robin Hood
6. Alice in wonderland
7. De kleine zeemeermin
8. Belle en het beest
9. Lied van het zuiden
10. Jungle book
Twee flessen bengelen aan een tentkoordje in de wind. Het is vier uur in de namiddag en we hebben net de tent opgezet op de camping van Dudstock. Nee, we hebben geen ticket, maar ervaring leerde ons dat dat usually niet nodig is. We wapenden ons met plastiek flesjes wijn, blikjes Cara Pils en het wereldwijd gekende Cola-Walker mengsel. Een wandeling omheen het festivalterrein moest ons een overzicht geven van de security die ticketloze mensen zoals wij moesten weerhouden binnen te komen.
Net toen we wilden vertrekken stond er een gastje bij de tent die ons vertelde dat glas niet was toegelaten op de camping. Dat wisten we natuurlijk wel, maar die flessen, nee, waarschijnlijk van de tent hiernaast. Vlijtig begon het manneke de flessen los te maken, wat blijkbaar moeilijker was dan het leek, want een tweede crewmember kwam helpen. Uiteindelijk sneuvelde het tentkoordje, tot groot jolijt van mijn twee companen, die ondertussen hun nuchterheid waren verloren.
Reeds tijdens onze verkenningstocht deden we een eerste poging. We kropen onder een hek bij de sporthal en juichden. Zo makkelijk was het nooit eerder gegaan en groot was dan ook onze teleurstelling toen we bij de ingang merkten dat we niet binnen waren. Tijd voor poging twee dus.
Twee jaar geleden lukte het, dus onder het motto ‘never change a winning game’ wandelde ik achteruit de uitgang binnen. “Leuk geprobeerd,” gromde een hand op mijn schouder. Ik gaf hem gelijk en keerde terug.
Poging drie bezorgde me de grootste kick. Als een hazenwind renden we met zijn drieën het terrein binnen, al gauw achterna gezeten door de security. In de tent gekomen zag ik dat mijn maat met het rode Coke-petje tegengehouden was. Ik bleef rennen tot plots een klein ksa-meisje vroeg waar mijn bandje was. Net toen ik ‘Oh, waarschijnlijk kwijtgeraakt’ murmelde, kwam een andere kerel naast me staan en werd ik naar buiten geleid. Even nog moest ik de jongen - die gemiddeld zeventien jaar oud was - eraan herinneren dat het vervelend en hoogst onnodig was om mijn arm vast te houden; hij liet tijdig los.
We keerden terug naar de camping en besloten dat onze kansen groter zouden zijn eenmaal het donker was. In onze tent gekomen gingen we verder met het goeie leven. Wijn en bier vertroebelden onze geesten en socializen met de omliggende tenten was plots wél aangenaam. De avond viel.
Tijd voor poging drie. Coke-petje en ik stapten door de Dudzeelse tuintjes op weg naar het bruggetje waar we ’s middags onze kans zagen. We slopen omheen het voetbalveld de akkers in, waar we merkten dat die omringd waren met een twee meter brede gracht. Toen we ons omdraaiden zagen we in de verte dansende zaklamplichtjes. We waren vroegtijdig de Jos.
Plots beseften we dat the game niet over was tot de fat lady gezongen had en zochten we een uitweg. De gracht doorwaden leek de enige oplossing; met zompig nat schoeisel betraden we het tweede veld. Gebukt liepen we door het weiland toen plots een menigte dronkaards ons luid trachtte aan te moedigen vanuit de aanpalende sanitaire voorzieningen. Dit zorgde er natuurlijk voor dat ook de buitensmijters op het festivalterrein ons door hadden. Ondertussen kwamen de zaklamplichtjes dichter. Coke-petje en ik liepen dan maar het donkere veld in, maar toen ook de lichtjes loopbewegingen maakten stak ik beide handen omhoog en bleef stilstaan. De fat lady had gezongen.
Toen we weggeleid werden naar de backstageruimte kwamen kerels met honden aanhossen, wat een geluk dat de optie ‘platliggen in de wei’ verworpen was geweest. Backstage wachtten twee agenten ons op; de oudste van de twee vroeg naar ons verhaal. Ik probeerde zo joviaal en onschuldig mogelijk uit te leggen dat we geen geld hadden, verzwijgend dat ons tentje op de camping stond. We werden vrijgelaten.
Onderweg naar de camping kwamen we Icanus, Slam!Broek en mijn neef tegen die net vertrokken. Mi bandje est du bandje, zeiden die, dus het laatste kwartier van Front 242 (overigens vrij lame) konden we alsnog gaan checken.
Op de camping gekomen vroeg een dude plots of hij bij ons mocht barbecuën. Hem niet gelovend stemden we toe. Even later stond hij met evenveel maten als worsten aan onze tent. Een (extremely handige en aan te raden) wegwerpbarbecue werd ontstoken en even later aten we allen halfgebakken worsten bij de opkomende zon.
Het was ondertussen 8 uur en de camping kwam tot leven. Er werd weer ‘Oere’ geroepen en rockers met wallen tot op hun schouders gingen hysterisch op zoek naar chocomelk. We besloten dat het tijd werd om een dutje te doen. Niet veel later was noch BartN noch Coke-petje terug wakker te krijgen.
Omstreeks 11 uur braken we de tent af. Wat een nacht was het geweest. Goldtrix kwam ons oppikken en we lieten Dudzele terug voor een jaartje achter. Wat is er daar namelijk te doen de overige 364 dagen?
Ik had het uiteindelijk wel verwacht. Sinds ik een weekje geleden een digitaal fototoestel heb aangeschaft neem ik foto’s van vrijwel alles om me heen. Als de posse in profiel bij elkaar staat, flits. Als ik mijn kat tegen het lijf loop, flits.
Ik heb namelijk zodanig uitgekeken naar dit toestel dat de climax van de aankoop een heuse fotoverslaving met zich meebracht. Het zal wel een fase zijn. Ik ga tegenwoordig echt op zoek naar dingen om te fotograferen, maar na een tijdje zal ik de interessante dingen hopelijk gewoon opmerken.
Op een dag zei Ishku: “Wat helemaal hazy bubbly is, is wanneer je eens een minuutje of vijf langer naar Zaloezie staart, andere goede eigenschappen zijn werkloze, langetermijn-incapabele, rokende zelf in het niets doen verdwijnen. Het duurt misschien niet lang, maar Zaloezie kan heel passioneel & toegewijd met iets bezig zijn.”
Ik moet haar gelijk geven, maar iets zegt me dat mijn fotomania geen bevlieging is. De kans dat ik mijn kodak binnen een weekje links laat liggen is volgens mij onbestaande. Ik ben namelijk het mijmerende type die écht nood heeft aan beelden van vervlogen tijden om op te staren. Zo geniet ik nog dagelijks van de foto’s die anderen namen op memorabele festivals en feestjes. Good times should be remembered, I say.
Ik heb thuis een katje lopen, het is een zij, doch haar naam is Lenny. De naamgeving gebeurde namelijk vóór de geslachtsbepaling. Ze werd niet gesteriliseerd, maar neemt elke zondag de pil. De eerste krolsheid hebben we al een dikke maand achter de rug en Lenny laat weten dat katers vanaf heden welkom zijn aan de sporthal van Varsenare. Ze valt op groene ogen en lange staarten.
We zaten met gesloten ogen in kleermakerszit. De stilte werd enkel onderbroken door een sporadisch “psht” van een geopende pint. Een bezinningssessie als deze is niet ongewoon in het domein van de witte paters. Het is de plaats bij uitstek om het leven eventjes op pauze te zetten. Mijn neef en ik stonden stil bij de 12 uur leute die ging volgen. Minirocken tot middernacht en dan afzakken naar de Varsenaarse tequilanight. En of we het zagen zitten.
We vertrokken. Stipt om vier uur arriveerden we in de Koude Keuken en als eersten mochten we het Minirock-terrein betreden. Meteen gingen we richting de drankvoorziening, waar we opmerkten dat het bier zerpig smaakte en concludeerden dat we de namiddag/avond/nacht best zouden vullen met Hoegaarden. Een housy beat weerklonk uit de l’amaral room. Even checken.
De privé set
Fréminem, de winnaar van L’amaral’s DJ-contest die eerder de Zaloezie-award ontving voor slechtste DJ-naam, was plaatjes aan het smijten. De L’amaral room was bemeubeld met zeteltjes die we meteen enthousiast in gebruik namen. Omdat we op dat moment de enige luisteraars waren, haalde Fréminem de naald van de plaat en vroeg ons wat we wilden horen. Compleet uit de lucht vallende murmelde ik “Het mag wel iets harder,…” en voor ik mijn zin kon afmaken had hij de muziek alweer aangezet. Ook DJ’s moeten van tijd tot tijd eens gaan pissen. Ik merkte dat hij naast me stond en begon een praatje. We bleken gezamelijke kennissen te hebben, Benny, uitbater van L’amaral en Brouse en Charly, Varsenaarse talenten. Ik vroeg hem waar hij in godsnaam de naam ‘Fréminem’ vandaan had gehaald, waarop hij antwoordde dat hij graag shoqueerde. Ik wierp een blik op zijn geblondeerde haartooi, schudde af en keerde terug naar de zetels, waar mijn neef grijnzend zijn lege bekertjes op een toren aan het stapelen was. Omdat we nog steeds de enige aanwezigen waren draaide Fréminem een prive set voor ons die eigenlijk best te pruimen was. Groot was mijn appreciatie toen hij plots “How can I” van de Urban Jazz Naturals oplegde, mijn lievelingsplaat in het genre.
De groupie
Het was een mooi meisje. Ze had blauwe ogen en blond haar tot op schouderhoogte. Ze droeg roze maar hoofdzakelijk zwart en was ons het eerst opgevallen bij het breakdancen. Enkele homies waren door Minirock uitgenodigd om hun benen te komen zwieren (mag ik hierbij vermelden dat de Aziaat met de gele pet veruit de coolsten was) en dat was ook de groupie niet ontgaan. Vrijwel kwijlend volgde ze met haar blik de konten van het vijftal die vlotjes pirouettes deed op het hoofd. Snakkend leunde ze over haar zeteltje om een nóg beter beeld te verkrijgen van de afzakkende baggy pants en had daarbij een blik in de ogen die liet uitblijken dat ze elk moment een sprong van 3 meter kon maken om één van hen met huid en haar te verslinden. Toen mijn neef en ik iets later Cream & Spices checkten, vonden we haar terug vooraan het podium, dampend en kronkelend in de richting van de bassist. Volgens mij is de hersenstructuur van een groupie eerder mannelijk bij het opmerken van de andere sekse. Ze maakt dus een grote kans om op haar dertigste al even horny de chippendale show bij te wonen met een kliekje even desperate housewives.
De muziek
Ik heb echt genoten van Cream & Spices, maar de overige uren hebben we vooral doorgebracht in de L’amaral room. Tweet was erg aangenaam, Cool Hand Luke zag er een leutige vent uit. Ik hoorde ook goeie reacties over Savana Station. Het is een triestig feit, maar ik misloop de goeie muziek telkens opnieuw op gelijk welk festival, feestje of optreden. Dit jaar was het allerleukste dat ik zag een piepklein hiphoppertje die Snoopy Doggy Doggy bewegingetjes maakte toen Tweet draaide.
Het meisje zonder schroom
Een klein negerinnetje passeerde me en ze had vrijwel geen kleren aan. Ik ging net met gebalde vuist in de lucht “Wrede wereld!” schreeuwen, toen ik besefte dat dit haar vrijwillige keuze was. Ik bekeek haar en slikte opzij, haar gothic vriendin en zij moeten amper 16 geweest zijn. Ik voelde me Marc Dutroux toen ik in haar decoleté haar navel zag en maakte dat ik wegkwam.
Even later echter zat ze naast me in de zetel. Ze vroeg mijn naam, ik antwoordde. Ze vroeg me of ik rookte, ik zei dat ik gestopt was, ze vroeg me of ik smoorde, ik deed het ‘no comprende’-gebaar. Plots vroeg ze of ik mijn been tegen haar been kon leggen omdat ze het koud had. Mijn blik ging naar beneden, waar ik ondervond dat ze een broekje droeg waar ik met de grootste moeite nog niet mijn neus in zou kunnen snuiten. Geen wonder dus dat ze koud had. Even speelde ik met het idee om een broekspijp te lenen tot de dag nadien, maar besloot dadelijk dit niet te doen en weerom te vluchten.
Het dilemma
Stipt om middernacht sprongen we op de fiets om de Varsenaarse tequilanight bij te wonen, maar aan de Platse in St.-Andries kregen we heimwee. Tequilanights waren immers jaarlijkse marginale hoogstandjes die we niet mochten missen, maar ook in Minirock was er nog volop leute. Nadat we de voor- en nadelen hadden afgewogen keerden we terug naar de Koude Keuken, waar de Minirock afterparty net was begonnen.
De afterparty
Ik was de zaal net binnengewandeld toen de drukte me weer naar buiten bracht. De drankvoorziening was verplaatst naar de ruimte ernaast, waar ik de posse terugvond. Een onbekend meisje kwam plots verkondigen dat ik aan mijn leven moest beginnen en petanque spelen. Ze was mooi, maar haar ogen waren minstens even roze als de mijne; geen betrouwbare bron dus. Ik vond mijn neef terug die in een gesprek verzeild was geraakt met een meisje die net als hij voor vee-arts studeerde. Mijn energieniveau was dramatisch laag, dus bleef ik ter plekke, luisterend naar verhalen uit de wondere wereld van intraveneuze injecties, kak en etter.
Het vertrek
Neuriënd gingen we huiswaarts. Unaniem besloten we dat Minirock de moeite waard was geweest. Ik passeerde nog eventjes aan tequilanight, waar een tros dronkaards gezamelijk lage klanken produceerde met hoog volume. Zoals jaarlijks heerste anarchie in de Varsenaarse straten, want fietsen en grasmaaiers waren gestolen, auto’s lagen in de grachten, vensters waren gesneuveld en maaginhouden hadden hun comeback gemaakt. Ik ging slapen met mijn ene been uit mijn bed.
Naar het schijnt dragen sommige mannen strings. Ik moet eerlijk toegeven dat ik daar nog nooit bij stilgestaan heb. Ik moet eerlijk toegeven dat ik zelf nog nooit zo’n dingetje heb aangetrokken.
Toch vraag ik me af waarom mensen die het wel probeerden dat nu nog steeds doen, en verkondigen dat het gemakkelijk is en aangenaam aanvoelt.
Ik herinner me momenten dat mijn boxershort hoger was geklommen dan voorzien. Het gevoel dat daarbij hoorde was niet bepaald leuk. Waarom zou dat bij een string dan wel zo zijn?
Op een dag ga ik het toch eens proberen. Het is immers een experiment dat ik als wetenschapper niet uit de weg mag gaan. En het spreekt voor zich dat ik jullie zal laten weten hoe het was.
Het was half acht en ik ging van huis weg om in de blistering cold de posse bij te staan in het collectief nadenken over een mogelijke activiteit. Meestal eindigden zo’n avonden met het aanvaarden van de vervlogen uren en een vroege thuiskomst. Ik groette de usual aanwezigen, zocht een windvrije plek en begon het gewoonlijke uurtje kettingroken. Het was ondertussen tien uur geworden en met drie anderen hadden we de strijd tegen de weersomstandigheden, de verveling en het geregeld opduikend besef van nutteloosheid overwonnen. En daar was ie plots.
Yoerie droeg een grote leren hiphopvest. Plots was hij verschenen en had hij zich zwijgend tussen de gegadigden gemengd. Ik herinner me dat hij een vriendje was van half hippie half verwaaide rocker en kindervriend Koen. Yoerie was op een avond met hem meegekomen en had klaarblijkelijk besloten zich nu dagelijks bij ons te voegen.
Ik had hem een tijdje in mijn ooghoek gevolgd en me kostelijk geamuseerd. Yoerie stond met een bleke grijns rond te kijken en danste af en toe onverwacht een paar seconden. Er was geen muziek. Yoerie leek de dingen die verteld werden constant uit te beelden en fluisterde af en toe een woord uit de voorgaande zin. Als er iets leuks verteld werd lachtte Yoerie luid en duidelijk. Het mocht niemand ontgaan dat ook hij het grappig vond.
Ik ken heel wat weirdo’s, maar dit moet de jongste zijn. Meestal worden mensen pas freaky op latere leeftijd. Nu de zomer er aankomt en Yoerie ons blijft verwonderen met onverwachte bezoekjes, vrees ik dat er vreemde tijden in aantocht zijn.
*X-files tune*
Toen ik daarnet de televisie aanstak lag er iemand te bevallen. Het was een vrouw die ik niet bepaald mooi vond en ik weet wel dat geen enkele vrouw mooi is als ze aan het bevallen is maar dat bedoel ik niet. Naast haar zat een hevig transpirerende kerel, zijn tranen bedwingend bij het aftellen naar zijn nu wel erg nabije vaderschap. Naast hem zat nog een andere vent met een rood petje. Deze keek verveeld rond zich en was duidelijk niet geïnteresseerd in de hele situatie. Op de achtergrond wandelde een vrouw voorbij die kopjes en bordjes stapelde en wegbracht.
Ik stelde me een bevalling altijd redelijk intiem voor, met een selecte groep aanwezigen. Als er ooit een meisje bevalt van mijn kind, zal ik het appreciëren dat niet iedereen meekijkt - zij waarschijnlijk ook.
Hoe kan je dan in godsnaam het baren van je kind laten uitzenden op televisie? Een geldsom is vrijwel de enige reden die ik me kan voorstellen. Die kunnen jonge gezinnen best wel gebruiken. Het lijkt me bovendien het enige lokmiddel dat programmamakers kunnen gebruiken om mensen aan te zetten tot dit soort mediaprostitutie. Mij vertel je niet dat diegenen die aan zoiets meedoen op een bepaald moment geen grote spijt en schaamte voelen. Of ben ik de enige die beseft dat een openbare bevalling niet klopt?
Ik zapte snel.